zaterdag 1 september 2018

B-ontdekking

Dit prachtige kistje vol kleur, geur & smaak van de tuin, ging gister naar restaurant Greens. Het gaf me een enorm voldaan gevoel. 
Toen ik vorige week terugkwam van een klein weekje vakantie, zag ik dat de radijsplanten volop zaaddoosjes hadden gevormd. Ik had de radijsjes, die het toch niet zo goed deden in de hitte, in eerste instantie voor de fijne witte en roze bloemetjes laten doorschieten. Maar ik wist dat de zaaddoosjes ook gegeten worden. Toen ik naast de radijzen stond, was de chef precies even op de tuin en liet ik een zaaddoosje proeven. Ze zei: ‘dat is waar we de tuin voor hebben’ en doopte het tot het tweede leven van de tuin, want dat ligt erin verscholen. 
Samen met één van onze vrijwilligers, die zelf kok is, oogstte ik dit kistje rijkdom. Onder andere 100 takjes dragon voor de gazpacho van bietjes. Hij vertelde tijdens het plukken van de boragebloemen, over het ziltige van de kiemplantjes (cress) van borage die zij in de keuken gebruiken. Hij besloot een klein blaadje van een plant te proeven. Ik deed mee. Hij dacht dat de kleine haartjes op de blaadjes misschien teveel in de kelen van gasten zouden kriebelen. Ik liep direct door naar de keuken om daar de mening te achterhalen: ‘die haartjes vind ik juist wel spannend.’ Hup plukken maar.
Weleens geproefd? Denk aan komkommer, oester, zeewier. 
Aan het eind van de werkdag kregen mijn collega en ik de gazpacho voor gezet om te proeven mét een blaadje borage. Love it!

dinsdag 7 augustus 2018

Zonnestraal


Vanmorgen was ik om 8u op de tuin en scheen de laag staande zon glorieus over de gewassen, die schitterden van de dauwdruppeltjes. In vervoering ging ik groentes oogsten samen met mijn collega. We hebben volop oogst, maar restaurant Greens is tien dagen dicht. Deze week leveren we voor het eerst onze groentes aan bio-winkel De Zonnestraal een paar straten verderop. We zijn blij dat we toch afzet hebben. 

Het zijn geen grote hoeveelheden, maar zeker te veel om allemaal zelf op te eten. Zoals de prachtige basilicum die tijdens het snijden nog nat was van de dauw. In Nederland buiten basilicum telen, wil normaal niet. Maar met deze warme en droge zomer, staan de stelen er vol en groen bij.

Gedurende de ochtend moest ik denken aan mijn oma, die me altijd haar zonnestraaltje noemde. Ik ben niet het zonnigste licht op aarde (gegarandeerd wel als ik groentes oogst) maar wel de dochter van de zelfbenoemde zon in haar leven, haar zoon, mijn vader. Hij overleed op 37 jarige leeftijd, zo oud of jong als ik nu ben. Hij groeide op in Den Haag. Mijn oma is er altijd blijven wonen en werd 103. 
Toen hij nog kind was, liepen ze samen weleens vanaf de Archipelbuurt, waar ze woonden, naar het strand in Scheveningen. Door het Westbroekpark langs het Rosarium, de plek waar tegenover de tuin ligt. Soms wou ik dat ze nu konden zien in wat voor paradijsje ik terecht gekomen ben, dat ik ook nog mijn werk mag noemen. Hoe graag had mijn oma, als fervent groenteliefhebber, onze groentes hebben willen eten. 250 gram groentes per dag, ze heeft het uitgevonden. 

maandag 2 juli 2018

Covergirl!


‘Terwijl je de ene plukt, moet je al kijken waar de volgende hangt’. Daar dacht ik aan toen ik op de tweede zomerdag van dit jaar de eerste kapucijners plukte voor restaurant Greens. Dit kreeg ik mee van mijn stageboer Jan Weijsenfeld, tijdens mijn stage van 6 maanden op het tuinbouwbedrijf van therpapeutische leef- en werkgemeenschap De Vijfsprong in Vorden. 
Een dag voordat ik in het Westbroekpark de bescheiden kapucijnersbuit van 40 planten binnenhaalde, besprak ik met onze stagiaire het resultaat van haar stageopdracht. Ze had een aantal dagen met ons meegelopen en op haar eerste stagedag, 17 mei, kwam er een fotograaf van de Rabobank foto’s maken voor op de cover van het magazine "Dichterbij" van de regio Den Haag de voor leden van de bank. Bij publicatie lopen de temperaturen tegen de 30 graden en zijn die wollen trui en sjaal haast niet meer voor te stellen. 

19 juni 2006 schreef ik in mijn stage-dagboek, dat ik als opdracht moest bijhouden: ‘er moest 300 kilo geplukt worden. Ik zag nog niet gebeuren dat we genoeg zouden plukken, maar Jan deed er erg lichtzinnig over. Door de dag heen zijn alle rijen geplukt. ’s Middags hebben we een aantal rijen nagelopen die ’s ochtends al geplukt waren. Ik baalde over het onnauwkeurig plukken van mensen, we haalden er nog emmers af. We konden weer in de eerste rij beginnen, maar dat voelde als een gebed zonder einde. Ik vond het wel welletjes. Het was inmiddels 19:15 uur. We hebben de kisten op 10 kg afgewogen en er staat nu 230 kg in de schuur. Morgen de laatste 70 kg.’ 
25 juni: ‘Jan kwam langs en hij leerde me kapucijners plukken. Iemand had gezegd dat als je de kapucijners kan indrukken, de erwtjes nog niet ver genoeg zijn, maar het gaat puur om de dikte zei Jan. Dat plukte een stuk makkelijker.’ 
1 juli: ‘ze waren laaiend enthousiast en ze wees naar de kapucijners, sugar snaps en doperwtjes die van De Vijfsprong kwamen. Ze vonden het ontzettend leuk dat ik er was. Bij oma lagen sugar snaps in de koelkast en kapucijners op de keukentafel. Zo bizar de weg die ze afgaan. Van de handen die ze plukken, sorteren, in de auto van De Vijfsprong naar de groentekraam in Den Haag en bij oma in een tas in haar rollator. Ze houdt helemaal niet van kapucijners, maar nu had de vrouw van de groentekraam haar verteld dat ze ze langer moet koken.’ 

Maanden eerder in het vroege voorjaar, hadden we rij na rij peultjes, doperwten en kapucijners geplant, het werk dat ik op mijn allereerste stagedag deed. Die dag, was het precies 22 jaar nadat de eerste stappen voor De Vijfsprong gezet werden. 
5 april: ‘na de koffie ’s ochtends en de rest van de middag hebben we op het land aan de Van Lennepweg kapucijners geplant. Eén iemand legt de plantjes uit bij het al gemaakte plantgat en één iemand plant. Steeds drie plantjes per gaatje. Prima systeem! De fotograaf nam daar ook mooie plaatjes.’ Hij kwam die dag foto’s maken voor het kookboek van Odin “Vier de seizoenen”. Ik kwam paginagroot in het boek in het hoofdstuk “lente” en de foto hangt al jaren pontificaal naast de kassa van de Gimsel, de winkelketen van Odin, in Maastricht. 






















Op Warmonderhof is de grond te zwaar voor licht en lucht minnende vlinderbloemigen. Ik kwam ze pas weer tegen in de zomer van 2009, direct na mijn afstuderen, op Moestuin Maarschalkerweerd in Utrecht, waar ik 6 jaar als invalkracht mocht buffelen. Daar staan minder kapucijners, doperwten en peultjes als op de Vijfsprong, maar genoeg om goed zoet mee te zijn. 
De kapucijners waren plukrijp toen ik daar aan mijn seizoensarbeid begon. Dus dat was direct fladderen tussen de prachtige diep paarse bloemen en lichtvoetig de met zoete erwtjes gevulde peulen plukken. 

Als de chef van Greens de tuin op loopt, stopt hij alles in zijn mond wat er groeit. Hij heeft heel wat kapucijners direct van de plant gesnoept, maar gelukkig heeft het gros de keuken gehaald. Al verdwenen ook daar een aantal van de ijverig door mij gedopte kapucijners zo in zijn mond. Een garantie dat ze overheerlijk zijn. Nu hangen er nog een paar handen vol, boffen voor de gasten die ze op het bord krijgen. Zo kort mogelijk koken is zijn en mijn devies. 

zaterdag 30 juni 2018

PIN = IN



HOERA voor de eerste pinbetaling! 

We konden niet meer achter blijven en Van Herk heeft er werk van gemaakt. De laatste maanden vroegen mensen exponentieel vaak of ze kunnen pinnen. Raakte het apparaatje ook nog een ruime week kwijt tussen Duitsland en Nederland, terwijl ik iedereen de pin al had beloofd. En dan kwam ik ook nog krap in wisselgeld te zitten. 

Maar we zijn zo ver! En mijn olijke buurman op de XL & XXL Oogstmarkt met de lekkerste gedroogde vruchten, noten en eigen geperste sappen had/nam de eer. Het is dan ook zijn bord dat ik voor houd.

donderdag 14 juni 2018

Korteketensprookje

Als dingen samen komen. 

Vandaag werden er zoete aardappels geplant in Rhoon en in het Haagse Westbroekpark. 
Gert van Herk gaat het experiment aan met deze in Nederland vrij nieuwe teelt om de korte keten te bedienen. Hij plantte in zijn eentje en met de hand 1600 planten. De ruggen zijn grotendeels machinaal gereden. Mij bood hij een klein deel van zijn biologisch aangekochte plantgoed aan, het laatste dat überhaupt verkrijgbaar was.


De van oorsprong tropische zoete bataat kan niet tegen vorst en moet sowieso na Ijsheiligen (half mei) de grond in, maar het duurde nog langer voor de bestelde plantjes bij de plantenkweker gereed waren en ze bij Gert de grond in konden. Voor de eerste nachtvorst moeten ze de grond uit zijn. Dat levert nu een teeltseizoen op van ongeveer 3-3,5 maanden.
Gert zei dat de zoete bataten op/in ruggen moeten groeien en ik vroeg hem om de plantafstand. Mijn collega reed onderweg van huis naar werk een ommetje om de tray met plantjes te halen, onze stagiaire en een deelnemer schepten ondertussen ruggen en plantten uiteindelijk de 56 plantjes op 4 bedjes.


Ik stuurde Gert mijn foto’s, een beetje onzeker of ik het wel goed had uitgevoerd met die ruggen en hij stuurde mij later in de middag zijn foto’s.
Twee uitersten van bedrijven qua oppervlak, manier van werken en efficiëntie. Gert doet 13 hectare gangbare groenteteelt nagenoeg in zijn eentje en wij doen 800 m2 biodynamisch samen met mensen met afstand tot de arbeidsmarkt en vrijwilligers.
Maar bij beide gaat het om tuinbouw met zo’n duidelijk en direct teeltdoel en bestemming van de oogst. Bij Gert is het de lokale markt waaronder de Oogstmarkt en bij ons het naastgelegen restaurant Greens. 


Gert heeft gezegd dat hij een keer bij ons komt kijken als de drukte van het hoogseizoen voorbij is. Wat een eer, ik kijk er nu al naar uit! #korteketensprookje

maandag 4 juni 2018

1e Marktlustrum: 1 juni 2013 - 2 juni 2018


De avond was al een eindje onderweg, toen ik reageerde op een facebook-oproep van Rotterdamse Oogst: ‘wie wil er morgen andijvie verkopen?’ Om 10u stond ik op het Noordplein. Ik richtte een provisorische kraam in met Andijvie van Gert van Herk en groene asperges van Ad Jan Vos. Aan het eind van de dag was ik helemaal los. Een maand later mocht ik weer en nu 5 jaar later ben ik er nog.

Gert vertelde me vanochtend dat hij destijds vooral andijvie en spitskool teelde. Speciaal voor de markt en de korte keten is hij steeds meer verschillende teelten gaan doen. Met dit jaar voor het eerst paarse spruiten en zoete bataat in het vooruitzicht.
Met trots zijn we onderdeel geworden van de weekmarkt en nu is de kraam (kleur)rijk gevuld met prachtige producten uit het Buytenland van Rhoon en aardbeien uit Oude Tonge. Als iemand me tijdens Warmonderhof had verteld dat ik groente voor een gangbare teler zou gaan verkopen, had ik het niet geloofd. Elke markt krijg ik minstens 1x de vraag van klanten of het biologisch is. Nee, maar met elk product dat ik verkoop, vertel ik een lokaal verhaal. Tegen Gert zei ik vanochtend dat ik al zo veel van hem geleerd heb. ‘Maar ik heb ook van jou geleerd, ik ben er in die jaren anders tegenaan gaan kijken.’ 

Vandaag vierden we ons 1e lustrum op de Oogstmarkt. Ik bakte taart voor Gert, zonder hem geen gevulde kraam. Gerda, andere markters, vaste klanten en vrienden aten mee. 
Nog steeds als ik mijn kraam inricht en deze leeg zie raken, ben ik net zo blij als die allereerste keer op het Noordplein #oogstfamilie

zaterdag 27 januari 2018

Marktmeisje

Als je de hele maand januari zelf niet op de markt staat, omdat het "boervak" is, ga je ter inspiratie met het oppermarktwijf en onze half Siciliaanse, half Roemeense olijfolieverkoper mee op marktexpeditie in Amsterdam. Zij wilden met het OV, maar dat komt niet in zijn vocabulaire voor. Waardoor we uiteindelijk over Aalsmeer van Oud-Zuid naar het Centrum reden en ik aan het eind van de dag voor mijn deur in den Haag werd afgezet. 
Op de Noordermarkt was ik nog het meest gegrepen door de schapenvachten, de lammy coats, de bontjassen en de gebreide truien. In mijn studententijd was die boerenmarkt het Walhalla voor mij. Ik wilde er alles kopen. En nu ik er na jaren weer eens was, had ik zoiets van ‘is dit het nou?’ Nog maar een rondje lopen en nog eentje, maar nee, ik vond het niet. Ik ken het allemaal nog van toen. Zoals het brood waarvan ik destijds door het dolle raakte, nadat ik dat natuurvoedingsbrood niet meer kon zien. Ankerpunt Warmonderhofkraam kon ik niet eens vinden. De kazen lachten me nog het verleidelijkst toe. 
In de loop der jaren heb ik heel wat markten gezien en toen ik in 2013 voor het eerst op de Rotterdamse Oogstmarkt kwam, toen nog maandmarkt, dacht ik ‘wow, dit is echt de beste markt in zijn soort.’ Maar deze expeditie waren we op de Zuidermrkt begonnen, waar we allemaal voor het eerst waren en daar was ik nogal vol van. En dan vooral door de manier waarop de markt in elkaar zit en waaraan deze bestaansrecht ontleent. Het is een markt voor en door de buurt in Oud-Zuid. Het is een coöperatieve vereniging met 400 leden. De voorzitter en penningmeester vertelden ons hoe het allemaal werkt. 
De groentekraam is van de markt: 12 meter lang en druk bemand, zowel voor als achter de kraam. Studenten van Warmonderhof doen de inkoop en runnen de kraam. Ieder lid van de markt draait elk jaar verplicht 2 diensten van 1 dagdeel achter de groentekraam. Diensten mogen niet worden afgekocht. Er zijn 26 teams, met in elk team een marktmeester, met verantwoordelijkheid zoals die in de wet staat. 
De markt is ingericht op een knus plein met in het midden, naast de koffie en de bloemen, plek om te zitten. Het is echt een ontmoetingsplek. Daaromheen staan ongeveer 22 kramen waar elke week de dagelijkse en de wat luxere boodschappen gedaan kunnen worden. Het valt op dat vlees goed vertegenwoordigd is. Dwz 3 vleeskramen tov 2 broodkramen, 2 kaaskramen, 1 groentekraam, 1 paddenstoelenkraam, 2 olie/olijvenkramen en 1 viskraam.
Misschien is het maar goed, dat we niet op de Nieuwmarkt geweest zijn. Daar was ik als kind niet weg te slaan. Het rozijnnotenbrood was toen mijn favoriet. Een herinnering die hoog gehouden moet worden.