zondag 2 juni 2019

6 jaar samen #marktfamilie



Zaterdag 1 juni 2013 lag de provisorische kraam op het Noordplein vol met andijvie van Gert van Herk, samen met spitskool die week zijn enige teelt. Hij had op het land nog wat grove gewassen als uien en aardappels staan en al zijn tuinbonen plukte hij voorheen in 1 week. 
Gister, precies 6 jaar later, bracht hij de eerste spitskool van de volle grond: ‘van onder een doek’. Na mijn aankomst op de markt zei Gert: ‘zoek jij met je ruimtelijk inzicht maar een plekkie voor de paksoi, de kroten staan al in de dug-out.’ Ik heb geen ruimtelijk inzicht, maar de kraam wordt zowat te klein voor het speciaal voor de korte keten steeds uitdijende assortiment van Gert. 
Zes jaar geleden verkocht ik ook een paar kistjes groene asperges van Adjan Vos. Gert en Adjan, telers uit Rhoon, ontmoette ik die dag allebei. Inmiddels hebben de Vreiloop eitjes van De Vossenburg ook een voorname plek op de kraam verworven, ze zijn niet aan te slepen.
De prijzen bepaal ik niet. Gister kostte de andijvie het dubbele van de andijvie in 2013. De prijs varieert door het seizoen heen. Aanvankelijk waren de groentes van Gert spotgoedkoop, maar nog altijd meer dan wat hij er bij de veilig voor kreeg. Omdat er die allereerste keer geen weegschaal was, verkocht ik de asperges voor €0,60 per stuk, aan de dure kant realiseer ik me nu. Omgerekend gingen de middenmaatjes gister voor €0,18 per stuk, €4,50 per pond. Ook niet goedkoop, maar zeker niet de hoofdprijs. Bovenal is het lokaal geteelde prachtkwaliteit. 


Die eerste zaterdag van juni 2013 verkocht ik helemaal los. Het was pronken en lonken met andijvie en asperges. 

Gister was het druk, het ging als een malle, de groente verkoopt zichzelf na al die jaren, maar ik had nog wel wat over, oa andijvie (0,5 kist van de 2 kisten) en asperges (4 van de royale 10 kisten, het aanbod van Adjan is momenteel enorm). Gert zegt tegenwoordig als ik leeg verkoop: ‘je had zeker weer je haren los.’
#marktfamilie #zesjaarsamen

zaterdag 1 juni 2019

Drie gezusters


   
Vandaag een jaar geleden werd Greens geopend door burgemeester Pauline Krikke. We hebben toen samen de allereerste sla geoogst. Gister was de burgemeester weer op de tuin om bij de ingang van Tuinen van Greens een Gulden Klinker te leggen. 
Vandaag sneden we de eerste rode eikenblad en bataviasla van dit seizoen voor het restaurant. Die wordt morgen geserveerd bij de bbq ter ere van het 1 jarig bestaan. In het vak waar vorig jaar de sla stond, plantten we vandaag pompoen en zaaiden we suikermaïs en pronkbonen, oftewel “de drie gezusters”. #jaarritme

Vaste klanten afscheid

Vorig voorjaar kwam ik een vaste klant tegen op het strand in Den Haag. Ze had net daar vlakbij met haar partner een huis gekocht. Nu zeker een jaar later, na een hoop verbouwingsmisère gaan ze dan verhuizen. We worden stadsgenoten, wat reuze gezellig is, maar dat betekent wel dat ze niet meer bijna wekelijks aan de kraam staan. Met hun we-moeten-eerst-koffie en het ge-overleg over wat ze wel en niet nodig hebben. Piepers meestal en uien en een stuk of wat groente. Vandaag niet zo veel want ze zitten even zonder koelkast. Zij: ‘4 uien. Hij: ‘uien in stuks dat kan toch eigenlijk niet’. Maar om nou uien mee te verhuizen. Zij vroeg of ik ze nog wil laten weten waar in Den Haag je zulke goeie boodschappen kan doen. Ze hebben geen Facebook dus ik schreef op verzoek mijn nummer op een briefje en krabbelde dit er snel bij: ‘tot in Den Haag lieve vaste lievelingsklanten’. Ik heb weleens overwogen om ze naar hun naam te vragen, maar liet het achterwege. Zijn naam kwam een keer voorbij tijdens het ge-overleg en gister noemde zij haar naam, terwijl ze een verhaal van haar werkvloer opvoerde. 
Betreft boodschappen opperde ik de boerenmarkt al, maar die groentekraam kennen ze uit Rotterdam en ze vinden de kwaliteit, versheid en de prijs van de groente van Van Herk toch echt beter. Ik heb niet gezegd dat ze er in Den Haag de manmetdemooieogen gratis bij krijgen. Maar iets anders bedenken wordt dan misschien nog een lastige. In elk geval komen ze een keer naar mijn tuin. 
Ik gaf ze afscheidsaardbeien mee. Net als vorige week aan een gezin, dat ik toen een mooie vakantie wenste. Vader, moeder en twee kindjes staan op het punt om voor zes weken op reis te gaan. Gister waren ze tóch nog even op de markt, voor de laatste dingetjes voor vertrek. Ik had ‘s ochtends al op Facebook gezien dat hij op de markt zou zijn en ik had ze al, zoals altijd, met z’n viertjes op het Noordplein zien scharrelen. 
Meestal verdelen vader en moeder de inkoop over de kramen efficiënt, maar vaak blijft het gezin wel plakken. Groentes waren niet meer nodig, maar de vader kwam nog even aan mijn kraam. Hij zei dat hij niet zomaar van de markt kon weglopen zonder even dag te zeggen. Eigenlijk had ik even een knuffel willen geven, maar er waren andere klanten en ik wist niet of het wel gepast was. Toen ik bijna zes jaar geleden op de markt begon, waren hun kinderen nog niet geboren. 

Een paar weken terug vond ik in de kist met appels een exemplaar waar een paar happen uit waren. Die bleek de oudste daar zo achter te hebben gelaten. Het mannetje wil altijd van te voren weten of het die dag een kleine of een grote markt is. Groot of klein, elke week weer worden tassen volgeladen met groentes, met producten van onze markt, zijn er de praatjes, de grapjes, is er de uitwisseling, de uiting van dat wat in jaren opgebouwd is. Een band is misschien een groot woord. Maar ja, voor mij voelt dat toch zo. En dan is zes weken lang en dan is Rotterdam ver weg vanaf Den Haag om elke week boodschappen te gaan doen.

Huilend Varkentje


Dat. was. het. nu. echt. 
Twee vaste gasten die gister speciaal op de slotavond kwamen eten. Ik stond alleen maar in de keuken, omdat het nu wél volle bak was en er extra handen nodig waren. Ze kwamen me begroeten en zeiden dat ze het in de auto nog over mij gehad hadden: ‘als we aan het Lachende Varken denken, denken we toch vooral aan jou.’ Ik ben al ruim een jaar weg en ik heb van de totaal bijna 25 jaar dat het Varkentje bestond, maar een jaar of vier meegedaan. Toevallig werden ze vaste gasten in de tijd dat ik vaak kookte. Toen ze na het eten weggingen kwamen ze nog vertellen dat ‘hij’ eigenlijk niet van de aardappels is, maar dat ik een keer aardappel had bereid die zo lekker was dat ze het er nu nog over hebben. ‘De aardappel was geel van kleur.’ Ik vermoed van de kurkuma. 





























Vandaag kookten we met een aantal koks een #galgenmaal voor de hele brigade. Het Varkentje hebben we geslacht, maar zal nog lang herdacht worden. Voor mij was het een plek waar ik thuis kwam en waar ik altijd weer thuis kon komen. Een warm nest waar ik me troetelkind voelde. De plek is ontmanteld en zal nooit meer zijn wat het was. #lachendevarken#huilendevarken #biggelen

vrijdag 3 mei 2019

Zoetsappig



Een dag na mijn verjaardag kwam een vriendinnetje onverwachts langs om me te feliciteren. Ik had nog appels van de Buytenhof liggen, die hoognodig op moesten en kruimels in de vriezer voor een crumble. Toen ze binnenkwam vanuit de grijze kou, zei ze dat het lekker rook. Mijn huis geurde naar warme appeltjes met kaneel en ze zei dat ze op iets lekkers gehoopt had. 
Toen ze weg was, toog ik met het restant van de nog warme crumble naar beneden. Ik liep achteloos de koffiebranderij binnen en vroeg vrolijk of ze crumble wilden. Lianne zat aan tafel met iemand. Toen zag ik haar schort en realiseerde me dat ik naast de vrouw van een paar deuren verderop stond: “Cake Fortin”. Ze bakt daar enorm kleurrijke en kunstige taarten, waar ik nooit het vakmanschap en het geduld voor zou hebben. ’Oh daar kan ik niet tegen op’ riep ik. ‘Jawel’ hoorde ik in koor. ’Dit is Mijke van de koekjes’ en plots kreeg ik een lofzang op mijn koekjes te horen: ’als er iemand veel taart eet ben ik het, ik eet elke dag taart en ik zeg het alleen als ik iets echt lekker vind. Jouw koekjes, die zij zo lekker, echt zooooo lekker, de structuur, de proportie echt.’ En zo ging het nog even door. Ik zei dat er nog nooit iemand zo enthousiast was geweest over mijn koekjes, maar volgens Lianne is dat niet zo. We zijn inmiddels ruim 20.000 koekjes verder. Ik zeg weleens dat ik koekjes bakken niet (meer) leuk vind, maar dat ik het nog steeds twee keer in de week doe, omdat ik Lianne en Ad zo leuk vind. En dit zijn de momenten waarop ik zeker weet, waarom ik het doe. GOUD! Later stuurde Lianne nog een berichtje dat Yvonne ook nog ontzettend te spreken was over mijn crumble en dat die fantastisch lekker was.’ 
Toen de koekjes vanochtend in de oven stonden, borrelde deze tekst op. Toen ik ze uit de oven haalde, zei ik hardop ‘wat een mooitjes’. Soms lukken ze extra goed.
Waar vakgebieden elkaar kruizen:
‘op de bloemen van koffie in Zuid-Amerika kun je angelloze bijen tegenkomen. Door hun bestuivingswerk krijgen de koffieboeren meer en betere koffie. Angelloze bijen kunnen goed bijten. Ze zijn dan wel angelloos, maar niet weerloos.’ 
‘Metselbijen zijn topbestuivers. Telers van blauwe bessen zetten bijenhotels bij hun planten neer en de metselbijen doen de rest van het werk.’#bezigebij 


dinsdag 9 april 2019

We hebben een markt-fotoboek!

Ik had de eer om tekst te schrijven voor een beeldend afstudeerwerk. Het resultaat is een prachtig fotoboek waarin de in's & out's van het aanbod, de producenten en de unieke sfeer van de Oogstmarkt  zijn vastgelegd. 

Het wat en waarom van de Rotterdamse Oogstmarkt
“Mag ik het gebruikelijke kropje sla?” vraagt een vaste klant. Plaats van handeling is het Noordplein, waar Rotterdamse Oogst het marktplein weer wekelijks in gebruik heeft genomen.
Zeker in de eerste helft van de vorige eeuw was het een levendige groentemarkt met aanvoer vanaf de Rotte. Aan elke verkoop, oftewel transactie, gaat interactie vooraf. Een markt gaat niet alleen over producten, een markt gaat over contact, over vertrouwen, over wederkerigheid, over het opbouwen van banden. Markt is een eeuwenoud gebruik die fungeert als ontmoetingsplek en een tijdloze aantrekkingskracht heeft.
Wat maakt de Rotterdamse Oogstmarkt nou bijzonder en waarom koos Linda ervoor om deze markt in beeld te brengen? Wat trok haar met haar camera naar grootstedelijk Rotterdam, terwijl ze zelf in een piepklein dorp woont? De Oogstmarkt is de markt die het dichtst bij haar staat. Haar moeder ging er heen samen met haar broer, zus en nichtjes. Hun moeder en oma is een paar jaar geleden gestorven, maar de andere familieleden blijven de markt trouw bezoeken. De charme en
kracht van de Oogstmarkt is ondermeer dat het om producten en producenten gaat die ofwel geproduceerd worden ofwel gevestigd zijn binnen een cirkel met een straal van 50 kilometer met de Coolsingel als middenstip. Centraal staan lokaal, vakmanschap, ambacht en eigengemaakt. Focus ligt op de teler, de (smaak)maker, de ontwerper en de kunstenaar. De nadruk ligt op de korte keten, het verhaal achter de boer, de oogst en het verwerkingsproces. Rotterdamse Oogst
wil de afstand tussen het platteland en de stad overbruggen, bewustzijn creëren voor wie ons voedsel maakt, stelt vragen over het voedselsysteem en zoekt naar verbetering, kwaliteit en
nieuwe waarden. Eén van de antwoorden is de wekelijkse samenkomst van de regionale producenten en het weerzien met de consument uit de stad. Oftewel: “wat je van dichtbij haalt, is lekker.”

Ontstaan Rotterdamse Oogst
Tien jaar geleden bedacht een clubje Rotterdammers dat ze een markt wilden in West. Ze besloten het zelf maar te gaan organiseren, Rotterdamse Oogst werd opgericht, maar al snel bleek dat een
markt er niet zomaar is. Het zou een slepend proces van vergunningen worden, waardoor ze eerst genoodzaakt waren festivals over lokaal eten neer te zetten. In 2013 was na allerlei spraakmakende acties en omzwervingen een markt op elke eerste zaterdag van de maand op het
Noordplein een feit. In 2015 werd uitgebreid met een markt op de derde zaterdag van de maand op het Heemraadsplein. Het was de plek waar de festivals populair waren en waar de markt eigenlijk bedoeld was te verrijzen, maar na een proefperiode van ruim een jaar bleek er te weinig klandizie te zijn voor een boodschappenmarkt. Het Noordplein hield stand en uiteindelijk heeft Rotterdamse Oogst geschiedenis geschreven door met een handtekening van de Wethouder in mei 2018 de eerste private weekmarkt van de stad te worden. Van het clubje initiatiefnemers is Gerda Zijlstra over als voortrekker, gangmaker en verbinder. Om haar heen staan een Stichtingsbestuur, marktmeester, vrijwilligers, de markters en de klanten.

Mijke’s verhaal over de groente van Gert van Herk

In het najaar verkocht ik de laatste knolselders met loof. Dan zijn er in de winter een aantal weken kale knolselders, omdat het loof meer bruin dan groen en niet veel soeps meer is. En dan midden
in januari verschijnen er ineens knollen getooid met een toefje frisgroen loof. Deze heeft Gert in het najaar van het land gehaald of zoals hij zelf zegt: een dotje knolselders uit de grond geklauwd. Hij maakt een bedje voor ze in de kas, waar hij ze in poot en de knollen na een tijdje weer gaan uitlopen. Best wat extra werk en tijd vond hij zelf voor op het oog extra vers, voor verlenging van
het seizoen. Ik zei dat hij daardoor een extra band opbouwt met die knolselders, wat eigenlijk niet gunstig is als het doel verkoop is. Natuurlijk hecht Gert zich niet aan zijn groentes, het is iets wat ik zelf misschien wel zou doen. Hij creëert meerwaarde voor de korte keten. De knolselders zijn extra groot en liggen net iets duurder dan in het najaar bij mij op de kraam. Aan de kist kleefde nog een
klodder Rhoonse klei. Ik maakte een vrouw blij met een bosje 'bladselder' door van elke knol een blaadje te plukken. Mijn manier van klantenbinding. Ze had de erwtensoep al klaar, maar wou de soep alleen nog garneren met wat selderij. 
De oorsprong van knol(selderij) ligt bij dezelfde plant, maar de knolselder is geselecteerd op de knol en de selderij is geselecteerd op het blad. Ze zijn nog steeds nauw verwant, maar het
uitgangsmateriaal bij zaaien en planten is dus niet hetzelfde. Als je het fijne zaad van knolselder ziet, kan je je niet voorstellen dat dat ooit uitgroeit tot zo'n grof en grillig wortelgewas. Op mijn
opleiding Warmonderhof zaaiden we ze half maart in een zaaibak, verspeenden we de kleine plantjes half april en half mei (na Ijsheiligen) gingen de planten de volle grond in om de knolselders
vanaf half oktober te oogsten. De eerste knolselders van Gert met knalgroen loof geuren in september vanaf mijn kraam de klant al tegemoet.

Het beeldverhaal door Linda


Linda geeft met haar foto’s een inkijkje in een aantal bedrijven die op de markt staan: van het land tot de productieruimtes. Op de markt zelf wordt ze met haar camera toeschouwer, maar blijft
tegelijkertijd onderdeel van het geheel, want daar ontkom je niet aan op de markt. Ze richt zich op de interactie tussen verkopers en klanten. Daarbij geeft ze een overzicht van de kramen die op de
weekmarkt staan. Het is de vaste kern, het kloppend hart dat elke week weer samen een markt maakt, waar (vaste) klanten boodschappen doen voor alle mogelijke gezinsconstructies. Van tweehonderd gram tot een kilo spruitjes, van 500 gram tot 5 kilo aardappelen, van een handje gedroogd fruit tot een meegebrachte pot met noten en zaden, van een onsje gorgonzola tot een pond boeren belegen, van een worst tot varkensbuik, van een zakje oregano tot flessen olijfolie, van een borrelbroodje tot een kilobrood, het gaat allemaal over de kramen. Wekelijks worden er manden gevuld al dan niet aan de hand van boodschappenlijstjes.

Voor mij is het een eer om de inleiding te schrijven voor dit fotoboek, om het verhaal achter de Oogstmarkt in woord vast te leggen. Veel mensen die op de foto staan, ken ik persoonlijk. Na ruim 5,5 jaar achter de kraam als groenteverkoper voel ik me deel geworden van een marktfamilie, waardoor de foto’s me direct raken. Maar ik ben ervan overtuigd dat ook voor wie nog nooit op de
Oogstmarkt is geweest, de beelden het complete verhaal vertellen. Voor diegene hoop ik dat het fotoboek als een uitnodiging werkt om onze markt te bezoeken, om te komen proeven en zich te
goed te doen aan het mooie aanbod. Kortom om zelf te ervaren wat deze markt zo eigen, charmant, sfeervol en bovenal tot een succes maakt. Dit boek geeft de voorzet met dank aan Linda en iedereen die deel is van de markt.

maandag 4 maart 2019

Zeispinazie


Gemaaide spinazie? Van oudsher wordt spinazie met de zeis geoogst. Het ijzer is er op een speciale manier voor aan de steel gemonteerd. De grootschalige teelten op de volle grond worden al enige decennia machinaal geoogst en gaan met tonnen naar de fabriek. ‘Dus niet zoals in de reclame van HAK, waarin ze op het land een paar houten kistjes vullen.’ 
Op Warmonderhof heb ik nog een spreekbeurt gehouden voor het voor mij vreselijke vak techniek over de spinazie-oogstmachine met bijbehorende bunker, waarin de oogst opgevangen wordt. 
De spinazie komt in de kas van Gert in de lijn van het bed op een hoop te liggen. ‘Hoe krijg je de spinazie schoon in de kist en voorkom je dat je grond meeneemt’? vroeg ik. Precies op de juiste hoogte snijden dus. Gert probeerde een nieuw ras, hij vond de groei wat traag, maar de spitse vorm van de spinazie maakt het maaien makkelijker. Hij had de spinazie al gegeten: ‘smerig lekker’. Deze eerste kist van het seizoen was zo leeg op de markt. Onderin vond ik toch nog of misschien beter gezegd slechts vijf klontjes klei. 

#rotterdamseoogst #markt #meetthemaker #eatlocal #buijtenlandvanrhoon #rotterdam