dinsdag 13 juni 2017

Weer of geen weer

Als het te lang droog was, ging de tuinder van Warmonderhof zich als de planten op het land voelen. Vorige week heeft het eindelijk weer (flink) geregend. 
Van Herk zei tijdens het eerste bescheiden buitje dat aan het begin van de laatste markt (3 juni) viel, dat het in februari al droog was. Hij heeft in die tijd twee keer tarwe gezaaid, maar de tweede zaai is niet goed opgekomen vanwege te weinig regen. Beregenen in februari zou belachelijk zijn, maar ook in mei wil je daar eigenlijk niet mee bezig zijn. Nooit eigenlijk, maar zeker in de zomer ontkom je er als teler niet aan. 'Juni 2016 was een hele natte maand' zei Van Herk 'en dan is de bodem na een paar flinke buien zo weer verzadigd'. Te veel regen is ook weer niet goed. Maar we hebben het niet voor het zeggen en de afhankelijkheid van het weer, de wisseling van de seizoenen, maakt de land- en tuinbouw zo mooi en elk jaar weer anders. Het maakt het weer tot een wezenlijk (gespreks)onderwerp. 
Zoals ik op Warmonderhof óók over koetjes en kalfjes leerde praten tijdens het melken en de lessen veehouderij en wanneer de koeien langs ons huisje kuierden om gras te gaan vreten aan de uiterste rand van de 100 hectare land. 
In de stad ben ik er minder mee bezig of er wel genoeg regen valt, maar toch voelde het als verademing toen er weer water viel. Ook voor mijn eigen mini-moestuin en plantenbakken op het balkon. 
Sinds ik in Den Haag woon, wil ik zodra het strandtentseizoen begint, zonnig weer - zeker niet te warm - om koffie te kunnen drinken op het strand en als het hoogzomer is aan het begin of het eind van de dag een duik in zee te kunnen nemen. 
Ik hou nog steeds niet van de zomers in Nederland, maar ben ze door het werken op het land meer gaan waarderen of ze als een onlosmakelijk onderdeel van het jaarritme gaan ervaren, met licht en warmte als essentieel onderdeel in de vruchtvorming en afrijping. 
Als ik maar iets op mijn hoofd heb tegen de felle zon, dan kan je me rustig op het heetst van de dag laten buffelen in m'n werkkloffie tussen de groentes. Peentjes zweten. 
Ik weet nog dat ik vlak na mijn afstuderen tijdens één van m'n eerste zomers op Moestuin Maarschalkerweerd in Utrecht een keer op de trekker zat, graadje hittegolf, en dat de werkbegeleider van de mensen die er voor dagbesteding werkten met waterijsjes aankwam. 
In stadse kleren en omgeving heb ik veel sneller last van de warmte. Één van de eerste warme dagen dit seizoen, dacht ik: 'oh ik heb het nu al te heet en de zomer is nog niet eens begonnen.' Toen bleek het 27 graden te zijn. Mijn moeder is een tropenkind, maar die genen heb ik niet van haar meegekregen.
Één van de momenten op Warmonderhof die me dan ook het meest bij staat, is het onder strak blauwe hemel binnenhalen van de vorstgevoelige gewassen half oktober - rond mijn moeders verjaardag - vóór het intreden van de eerste nachtvorst. 
Met een rake snede vlak onder de grond het wit van de venkel scheiden van de penwortel. Dan middels twee snedes het tere fijne gevederde loof op het land laten vallen, waardoor er achter je een zachte groene deken ontstaat. 
Gedurende de 8 jaar dat ik er woonde, ben ik van de Flevopolder gaan houden. De wind die bijna altijd waaide, de weidsheid, het zicht op de horizon, de altijd veranderende luchten. En als het weer onstuimig is, dan komt dat gevoel het sterkst terug, dan verlang ik naar die eindeloze herhalende beweging, het op m'n knietjes met een regenbroek met beschermende kniestukken langs het gewas schuifelen, het met laarzen aan door de klei banjeren, het langs de gewassen lopen en kijken hoe ze er bij staan, het in het ochtendgloren oogsten als de dauwdruppels op de bladeren fonkelen in het vroege zonlicht en de hommels liggen te dommelen in de courgettebloemen en uiteindelijk groentes zo efficiënt mogelijk kist klaar maken. 
Ik zei tegen van Herk dat ik hem wel een keer wil helpen. 'Ik weet niet of ik het nog kan, ik zal in elk geval een stuk snelheid verloren zijn.' Hij: 'iedereen doet het toch een beetje anders, heeft het net anders geleerd.' Zelf gaf ik de manier zoals ik het geleerd had, graag precies weer door. Zo leerde ik sla snijden tijdens mijn stage op De Vijfsprong. Doel is om na 1 snede net boven het lelijke blad de krop direct in de kist te kunnen leggen. Terug op Warmonderhof na stage gaf ik aan wel sla te willen oogsten voor de Haagse groentekraam, de afnemer die het het nauwste nam met hoe de groentes er uit zagen. De tuinder had er weinig fidusie in, want tijdens de eerste en tweede klas had ik niet een bijster goeie indruk achtergelaten. Ik ben met praktische zaken een langzame leerling, moet aan de hand genomen worden en het meestal meer dan 1x voorgedaan krijgen. En dan is het uiteindelijk een kwestie van (vaak) doen. Achter het denken had ik in Leiden bewust een punt gezet. 
De tuinder liep met me mee naar de bedden sla en deed het me voor de zekerheid nog een keer voor. Toen hij later mijn kisten sla bekeek, was hij verbaasd en scoorde ik punten. Uiteindelijk heb ik zelfs voor de praktijk weleens een 10 gehaald. Voor de theorie was dat geen kunst. 
Door de routine van het oogsten en klaar maken van bestellingen, weet je op een gegeven moment de standaard aantallen, gewichten en fust die naar de groothandel gaan. Binnen de korte keten zoals op de Oogstmarkt, geldt dat wat minder strak, alleen herken ik ze wel altijd terug bij de kisten met groentes van Van Herk. 
Ik hoop een keer 's ochtends voor de markt mee te oogsten. Zonder Van Herk met z'n kolenschoppen van handen te willen kunnen bijhouden. Zoals me dat evenmin lukte met de tuinder op Warmonderhof, een man van weinig woorden en het andere uiterste qua bouw dan die tuinder uit Rhoon. Beide leermeesters. 

maandag 29 mei 2017

Gulden snede

Mijn instructie voor de remoulade luidde: 'gebruik ongeveer een derde tot de helft van de mayonaise.' 'Volgens de gulden snede dus, ongeveer 1,6.' Ik keek hem vragend aan, waarna hij de gulden snede op de snijplank uitlegde. Hij trok een denkbeeldige lijn en zette daarop de punten A, B en C. Dan geldt: AB:BC = BC:AC.
Hij gaf voorbeelden als het slakkenhuis en de zaden van een zonnebloem die volgens de gulden snede groeien, het veelvuldig gebruik ervan in de renaissance-architectuur en het wordt zichtbaar gemaakt in de tekening van Da Vinci. En zegt hij: 'zelf maak ik ook werk dat volgens de gulden snede is opgebouwd, aanvankelijk wilde ik er niet aan, maar het voelt harmonieus.' Laatst tijdens mijn dansles had ik me al verwonderd, toen ik hoorde dat in de muziek de gulden snede gebruikt wordt. Ik had natuurlijk weleens van de gulden snede gehoord, maar wist niet wat het inhield.
Tijdens het lesje gulden snede kwam de reeks van Fibonacci ook nog ter sprake. 0, 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34, 55, 89, 144 etc. De verhouding van twee opeenvolgende getallen van Fibonacci, benadert de gulden snede.
Voor over de gnocchi moest er kaas worden geraspt. 'Fijn of grof?' vroeg hij mij en toonde daarbij de fijnste en grofste raspstanden van de staande rasp. Zijn partner: 'jij met je uitersten, er bestaat ook nog iets tussen in'. 'De gulden middenweg is saai' was het antwoord. 

Toen we ook nog een prei met ophangoor vonden, was ons mise-en-place-feest compleet. 
Tot slot werd mijn menu in schoonschift en spontaan met kleurtjes op het krijtbord geschreven. 
Erna gingen ze zelf aan tafel om met vrienden van het eten te genieten.

Op zulk soort dagen voel ik me nog eens extra gezegend met het brede palet aan mensen dat vrijwillig in het Varkentje werkt. Ik denk overigens dat de relatie van dit stel óók volgens de gulden snede is opgebouwd. 


dinsdag 9 mei 2017

Al doende

'Even een snap maken' is wat ze zeiden, toen de bloemkool-pizza net uit de oven was. En ze vonden het nog lekker ook. Het statige pand en de betegelde gangen van het Libanon Lyceum deden me denken aan mijn eigen middelbare school.

En de witte jassen die wij net als de kinderen aanhadden, herinnerden me natuurlijk aan de natuur- en scheikundeproefjes van toen. Kookles hadden we niet op het Stedelijk. Laat staan dat we alternatieven voor frisdrank, pizza en snoep leerden maken. Een inhaalslag voor mij, een opsteker voor de eerste klas technasiasten, die ik mocht helpen begeleiden. Ik wist niet dat ik het in me had. En ik vond het nog leuk ook. De gretigheid van kinderen werkt aanstekelijk. En als ze iets niet wisten of wilden weten dan vroegen ze het gewoon: 'wat zijn bloemkool-roosjes?' 

Er was basilicum om de pizza mee te garneren. Ik stelde voor dat ze ook een beetje door de tomatensaus deden. Een jongetje zei dat dat echt niet mag. Ik vroeg waarom niet, waarop hij antwoordde dat dat volgens de Italiaanse beste vriendin van zijn moeder net zo erg is als pasta zonder zout koken. Zo! Maar ze deden het toch. 


Met dank aan #matties @ferme_sanne #keukenboeren & @tantetoos_suikerloos #cooperatie #flowersandsours #aldoendeleertmen #libanonlyceum #rotterdam #ervaringrijker 

zaterdag 15 april 2017

Doperwtjes

Het vieste eten dat ik me uit mijn kindtijd herinner is doperwtjes en worteltjes uit pot. Mijn stiefvader haalde het nog weleens in z'n hoofd om ons dat voor te zetten. Onlangs vond ik een foto van mij als klein meisje met een bord eten waarop onder andere erwtjes liggen. Ik kan me niet meer herinneren dat ik die vroeger gegeten heb. Het moeten vers gedopte zijn geweest, want het was bij mijn oma en die at niet anders dan vers en minimaal 2 ons groente per dag. Ze kocht het bij groentejuwelier Exotenhof, nu bij mijn liefje om de hoek. Hij at als kind wél graag erwtjes. Van de week opperde hij een koude Limburgse (waar zijn opgroei-wortels liggen) schotel te maken, waarin een blik doperwten en wortelen gaat. 'Dat wordt echt lekker' zei hij. 
Of mijn oma ging naar de groentekraam op het Nassauplein. Het stel dat deze kraam bemande, samen een fenomeen, reed het hele land door voor de mooiste producten. Op Warmonderhof maakte ik met voorkeursbehandeling vaak bestellingen voor ze klaar. Als het er niet piekfijn uit zag, kregen we dat te horen. Toen ik net in Den Haag woonde, kocht ik nog trouw mijn groentes bij ze, tot ik vreemd ging op de boerenmarkt. Op een dag fietste ik langs het Nassauplein en toen was hun kraam weg, van de ene op de andere dag. Het werk werd ze fysiek te zwaar, hoorde ik via de tamtam uit de Flevopolder. De tuinder van Warmonderhof had het mijn voormalig tafel- en bedgenoot ingefluisterd. Het enige groen dat hij als kind at, waren overigens erwtjes. 
Vorig jaar Pasen had mijn moeder beschilderde eitjes op de ontbijttafel staan. Ik was vergeten dat ik Kluivert zijn naam noteerde als een kluifje en een erwtje. Tijdens de middelbare school was ik fanatiek Ajax fan. Mijn stiefvader was not amused toen ik met een spuitbus in rode letters AJAX op de muur van mijn kamer had gespoten. Mijn slaapkamer hing vol met posters van de spelers, vooral van mijn favoriet Kluivert. Vanaf dat hij debuteerde in het eerste bij Ajax had ik het te pakken. Tijdens het EK in NL/België werkte ik als kamermeisje in het spelershotel waar ze verbleven en toen vond ik het schokkend zo veel losse munten in zijn kamer te zien liggen. Een paar weken terug was hij in de media vanwege gigantische gokschulden en chantage door een goksyndicaat. Toch zal ik een zwak voor hem houden. 
Mijn bewuste (her)waardering voor verse erwtjes begon echter niet bij hem, maar bij het plukken ervan. Net afgestudeerd op de klei, werkte ik mijn eerste zomer op Moestuin Maarschalkerweerd. Toen ik daar begin juli op het zand de spits afbeet, zaten ze midden in de pluk van de kapucijners en de doperwten. De lichtheid en rankheid van deze vlinderbloemigen lachten me toe. 
Het handmatige plukken en vervolgens het doppen is arbeidsintensief. Zie ze dan maar eens te weerstaan. 
Ze zijn eind van de winter op menig tuinderij gezaaid, de groei zit er nu in. Voor ze vruchten geven, doen we het met erwtjes uit de vriezer. Altijd handig om in huis te hebben. 
Erwtjes in de dop zijn er maar een paar weken, dus neem het er dan van. 
Heerlijk in risotto met een visje erbij. 
Of met de verrassende combinatie van nieuwe aardappeltjes, pesto van basilicum en een gepocheerd (kwartel)eitje. 


maandag 6 maart 2017

Rhoonse bloemkool

Twee markten (18/2) terug verkocht ik een bloemkool aan een man, die drie keer vroeg of het Hollandse bloemkool was. Ik zei dat de bloemkool in Rhoon geteeld is.  Afgelopen markt (4/3) kwam deze man nog voordat de markt officieel open was, vertellen dat het echt Spaanse bloemkool is. Ik antwoordde dat ik geen praatjes, maar bloemkolen verkoop. Mijn buurman voegde toe dat het kasbloemkool is. De man gebaarde dat kasbloemkolen nu nog maar vuistgroot zijn. Ik zei dat hij me dan maar niet gelooft en dat ik geen discussie met hem aan ga. Hij zei dat hij daarom wel genoeg weet. Hij: 'ik kom hier niet meer terug.' Ik: 'dat lijkt me heel verstandig.' Helaas was ik niet ad rem genoeg hem uit te nodigen om 17u terug te komen om de teler zelf te spreken. 
Ik moest mijn verbijstering kwijt en stuurde Van Herk een bericht, waarna hij me sms-te: "Jammer. Geloof kan je niet geven. Maar ik heb wel degelijk bloemkool in de kas." Waaraan hij vlak na vijven toevoegde: "als hij hier was geweest had ik hem verteld dat ik met kerst ook al kasbloemkool heb gegeten." 
De twee kisten bloemkool die Van Herk me vandaag mee gaf, heb ik allemaal verkocht.

dinsdag 10 januari 2017

Chocolahadehechocoladechocoholahahadechocolademelk

11 januari 2014 - ongecensureerd 

Voor alles een eerste keer
Een man die direct na het opstaan zegt zin te hebben in warme Tony Chocolonely en in staat is er linea recta voor naar de stad te fietsen. Met die wetenschap dat ze het bij September schenken. Elke andere vrouw zou er direct gehoor aan geven, maar ik zette hem chocoladebietencake en double cream voor. 
Zijn behoefte was bevredigd, mijn verlangen naar precies daar die warme choco was aangewakkerd. Het idee voor een chocodeet werd geopperd en een paar dagen later gemaakt. Hij droeg twee grote glazen het zonnige terras van de Grote Markt op. De laatste stralen zonnewarmte vangend, lepel ik een berg smeltende slagroom naar binnen. Gespoten met een kidde. Nieuw woord geleerd van iemand met 25 jaar horeca-ervaring, maar net als ik slagroom-fetisjist, bij voorkeur hand geklopt. 
Toen we elkaar voorjaar 2013 net kenden, kwamen we er tijdens onze nachtelijke facebook chats achter. Niet snel erna smeerden we elkaar er mee in. Likken maar. 
Nog steeds creëren we gelegenheden om slagroom te eten. 
Het resultaat uit een kidde ligt tussen vers geslagen en een spuitbus in. Weinig stabiel, maar met de smaak van net echt. 
Afgelopen zomer tijdens de barbecue op De Moestuin, zette ik een kidde aan mijn mond. Ik spoot, slagroom stroomde over.


Tijdens mijn eindexamen op het gymnasium gunde ik mezelf weleens een pakje Nutricia chocomelk uit de schoolkantine. Chocolademelk met een romige structuur, waar je bijna op kan kauwen. Toen ik op kamers ging wonen, stapte ik over op biologische voeding, veganistisch en suikervrij incluis. Nutricia was voortaan te gangbaar en te zoet voor mijn strikte principes. Sindsdien heb ik het nooit meer gedronken. 
Tegenwoordig komt er wel weer suiker in. Toen ik Sinterklaas 2012 voor het eerst de chocolademelk van Tony dronk, was dat een aha Erlebnis. Vol en romig mondgevoel en goed op smaak. De chocoladerepen van Tony vind ik veel te zoet, maar de chocolademelk mag er zeer wel wezen. 
Koning winter hebben we op 21/12 geëerd, maar houdt zich vooralsnog gedeist. Januari is de mildheid zelve. September weet zich raad met 'slaafvrije' chocolademelk. Inmiddels staat er een pak thuis in de koelkast en heb ik een kidde besteld. On profi tour, making our own hotchocshots.

11 januari 2017 - exact 3 jaar later
De kidde staat nog ongebruikt in de kast. Wel grijpen we nog altijd gelegenheden aan om slagroom ergens bij te eten. 
Voor op de Oogstmarkt krijg ik altijd een koelboxje van de teler met drinken. Er zat een tijd Nutricia chocomelk in en ik heb de verleiding een keer niet kunnen weerstaan. Inmiddels woon ik sinds september 2015 op loopafstand van September, maar heb er sinds bovenstaande keer geen warme chocolademelk meer gedronken. Wel op een regenachtige zondag op Zuid. Same Tony story. 

zondag 8 januari 2017

Miezer-markt in Den Haag

27 december 2014
Marktgang op 24 december. Vanwege de regen had ik me in mijn zeilbroek gehesen. Een vriendinnetje slash oud-Warmonderhoffer had juist geen regenbroek aangedaan, omdat ze zin had om zich zeiknat te laten regenen. In Spanje, waar ze woont en tuint, zijn fietsen en regen de uitzondering. Eenmaal buiten bleek het enkel nog te miezeren en zei zij over de druppeltjes op onze gezichten: 'het lijken wel allemaal kusjes'. 
Bij groentekraam 1 werden we door een dame van middelbare leeftijd verwelkomd met een: 'wat fijn dat jullie met dit weer gekomen zijn'. Mijn vriendinnetje was met twee missing ingrediënts voor het kerstdiner weggestuurd. Radicchio, er bleken twee soorten verkrijgbaar en waterkers, losse blaadjes lagen voor het grijpen en niet voorverpakt in een zakje. Ondertussen keek ze haar ogen uit, want er zijn geen boerenmarkten van dit kaliber, waar zij leeft. Zelf had ik geen zelf gekookte kerstdiners in het verschiet, maar een plukje veldsla voor mijn lunch die middag en wat bewaargroentes, zoals een spitskool en rood- en geelschillige aardperen, vond ik het wachten op mannen met intrigerende ogen bij twee kramen waard. 
Omdat mensen serieus kerstinkopen - cranberry's en dergelijk - aan het doen waren en om frambozen vroegen en ik één beurt voorbij had laten gaan, omdat ik de mij onbekende verkoopster niet bliefte, was ik bij kraam 2 zo een kwartier verder. Ik werd er uiteindelijk begroet door een dame met: 'o ja, jij werkt daar niet meer.' Met 'daar' bedoelde ze groentekraam 1. 'Was het maar zo dat ik daar gewerkt heb' antwoordde ik, blij met het verworven imago van marktventer. 
'Daar' had ik mijn paar groentes, de eerste bloedsinaasappels - 'ze zijn nog niet rood, omdat er nog geen vorst overheen gegaan is, maar het zijn wél bloedsinaasappels' aldus de ogenman - en kerst-attentie, een pot San Marzano tomaten, al in de pocket, toen ik bedacht dat ik nog een bergamot wilde om mijn thee te aromatiseren. 
Naast de bergamot lag een citrusvrucht met grof bobbelige schil. De dichtstbijzijnde dame achter de kraam, kwam niet op de naam en begon uit te leggen dat je de schil kan inleggen en gebruiken in tulband en oliebollen. Mijn vriendinnetje kirde ondertussen dat die in Spanje, net als de verse incabessen, in het wild groeien. 'Sukade' zei ik. Ook wel cederappel, cedercitroen of muskuscitroen. Vervolgens ging de dame achter de kraam spontaan verder: 'en dit zijn citroenen om limoncello mee te maken'. Ik vroeg of het echt een limoncello-citroen is, waarna zij mij begon uit te leggen hoe je limoncello moet maken. Ik wilde eigenlijk alleen maar weten of die citroen speciaal voor limoncello geteeld wordt. Zij vroeg aan de ogenman na wat het voor citroen is. 'Salamita' zei hij. 'Oh, van Salamita' zei ik. 'Kom je daar vandaan, ben je daar geweest'? vroeg de dame verwonderd. 'Nee, ik ken de coöperatie uit Sicilië van naam.' 
Na samenzijn met familie, was ik tweede kerstdag alleen thuis. 
's Avonds trok ik de pot San Marzano tomaten open om er spontaan een Italiaanse broodsoep mee te maken. 
Later dronk ik een gin-tonic met lime-kaviaar. Mijn kerstschat van de ogenmarktman. Wildpluk uit Australië, een vruchtje dat op een augurkje lijkt en doorzichtige 'eitjes' huist. Na doormidden snijden, druk je ze er zo uit. 
Elk bolletje geeft na doorbijten een lime-explosie. Schijnt ook in geel, groen, roze en bordeaux te bestaan.